De waterschapsverkiezingen van 2004 van 3 van de 4 Zuid-Hollandse waterschappen moesten over, omdat de kiezers onjuist en onvolledig waren geinformeerd over drie kandidaten die enkele ondersteuners te weinig hadden, maar door de stembureaus wel onherroepelijk waren toegelaten tot de verkiezingen.
Uit een Memo dat per ongeluk op de website van Hoogheemraadschap van Rijnland werd gezet schreef de bedrijfsjurist dat het niet opvolgen van het advies van de landsadvocaat heeft geleid tot de uitspraak van de Raad van State dat er herverkiezingen dienden te komen.
De bedrijfsjurist van Rijnland is zeer duidelijk in de Memo over de oorzaak van de herverkiezingen:
Ik heb onze advocaat in de civiele procedure (mr. Langbroek, PelsRijcken) gevraagd of er zijnerzijds bezwaren zouden zijn tegen het overleggen van dit advies aan de heer Bremer: we hoeven immers geen beroep te doen op deze weigeringsgrond.
Mr. Langbroek adviseerde mij dit niet te doen: de twijfel over de haalbaarheid van een besluit tot niet-toelating, die in het advies naar voren wordt gebracht, kan onze positie in het hoger beroep nadelig beïnvloeden. Rijnland heeft immers ondanks dat advies het besluit genomen, waarvan de Raad van State later oordeelde dat dit niet kon en dat heeft geleid tot de uitspraak dat er herverkiezingen dienen te komen.
De heer Bremer heeft 4 keer vragen in het kader van de wet openbaar bestuur (WOB) aan Rijnland moeten stellen om het aantal stemmen dat de kandidaten via de post en via internet hebben gekregen. Volgens Rijnland waren deze gegevens eerst niet beschikbaar, maar later erkende Rijnland dat de gegevens in openbare computerbestanden aanwezig waren. Rijnland beschikte echter niet meer over de bestanden. Uiteindelijk kreeg Bremer de bestanden van een onderzoeker van de Universiteit Nijmegen. Bremer bleek 40% minder stemmen via internet ontvangen te hebben ten opzichte van de andere kandidaten.
Rijnland heeft in 2004 alles gedaan om er voor te zorgen dat Bremer zo weinig mogelijk stemmen kreeg.
1. Er werd geld uitgegeven aan de maker van het internet stemsysteem in verband met "fraude opvang"
2. Bremer werd zonder hem te vragen verwijderd uit de stemwijzer , zodat kiezers bij Bremer uitkwamen als de kandidaat met de meest overeenkomende meningen als de kiezer.
Medio 2010 behandelt de Raad van State de hoger beroepsprocedure van Bremer tegen Rijnland om het advies van de landsadvocaat te krijgen in het kader van de WOB.
U kunt op onderstaande artikelen klikken om deze te lezen en reacties te plaatsen:
81102 Hoe eerlijk verliepen de verkiezingen bij Rijnland in 2004
100204 Raad van State vraagt geheim advies landsadvocaat op
Alle Bijlagen